Van belastbaarheid naar inzetbaarheid
Waar de FML de belastbaarheid systematisch beschrijft, vertaalt het inzetbaarheidsprofiel die naar wat iemand in werk nog kan. Het is de brug tussen de medische inschatting en de zoektocht naar passend werk — in spoor 1 of spoor 2.
Die vertaalslag is het werk. Een profiel dat alleen herhaalt wat niet kan, helpt niemand verder. Een profiel dat de resterende mogelijkheden concreet maakt, geeft richting.
Wat een bruikbaar inzetbaarheidsprofiel bevat
In de kern: de functionele mogelijkheden (wat kan wel, en onder welke voorwaarden), de relevante beperkingen, de belasting die werk mag opleveren, en aandachtspunten zoals werktijden of opbouw.
Net als bij elk arbo-document geldt: functioneel formuleren, en de medische onderbouwing gescheiden houden van het deel dat werkgever en arbeidsdeskundige ontvangen. Wat zij nodig hebben is het inzetbaarheidsbeeld, niet de diagnose.
Aansluiten op FML en probleemanalyse
Een inzetbaarheidsprofiel dat los staat van de FML en de probleemanalyse roept vragen op. Sluit het profiel aan op de eerder vastgestelde beperkingen? Spreekt het de prognose niet tegen?
De sterkste profielen bouwen herkenbaar voort op de bestaande documenten. Dat maakt het profiel niet alleen consistent, maar ook navolgbaar — belangrijk nu een wetsvoorstel het oordeel van de bedrijfsarts leidend wil maken bij de RIV-toets.
Wat de arbeidsdeskundige nodig heeft
De arbeidsdeskundige zoekt passend werk op basis van wat u vastlegt. Hoe concreter de mogelijkheden — in termen van handelingen, duur en omstandigheden — hoe gerichter die zoektocht.
Vage kwalificaties dwingen tot navragen en vertragen het traject. Een functioneel, concreet profiel bespaart iedereen tijd en voorkomt misverstanden verderop in het proces.
Sneller een werkbaar concept
Veel van wat in het inzetbaarheidsprofiel hoort, komt al ter sprake in het spreekuur. Het ordenen en herformuleren daarvan is tijdrovend en vraagt geen medisch oordeel.
ProceLexa zet het gesprek om in een concept-profiel dat de besproken mogelijkheden en beperkingen alvast functioneel ordent. U beoordeelt en corrigeert; de afweging blijft bij u. Zo gaat de tijd naar het oordeel dat alleen u kunt maken, niet naar het overtypen ervan.